Er was eens een rijke man die gewoon was zich te kleden in purperen gewaden en fijn linnen en die dagelijks uitbundig feestvierde. Een bedelaar die Lazarus heette, lag voor de poort van zijn huis, overdekt met zweren. Hij hoopte zijn maag te vullen met wat er overschoot van de tafel van de rijke man; maar er kwamen alleen honden aanlopen, die zijn zweren likten. Op zekere dag stierf de bedelaar, en hij werd door de engelen weggedragen om aan Abrahams hart te rusten. Ook de rijke stierf en werd begraven. Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham met Lazarus aan zijn zijde. Hij riep: “Vader Abraham, heb medelijden met mij en stuur Lazarus naar me toe. Laat hem het topje van zijn vinger in water dompelen om mijn tong te verkoelen, want ik lijd pijn in deze vlammen.” Maar Abraham zei: “Kind, bedenk wel dat jij je deel van het goede al tijdens je leven hebt ontvangen, terwijl Lazarus niets dan ongeluk heeft gekend; nu vindt hij hier troost, maar lijd jij pijn. Bovendien ligt er een wijde kloof tussen ons en jullie, zodat wie van hier naar jullie wil gaan dat niet kan, en ook niemand van jullie naar ons kan oversteken.” Toen zei de rijke man: “Dan smeek ik u, vader, dat u hem naar het huis van mijn vader stuurt, want ik heb nog vijf broers. Hij kan hen dan waarschuwen, zodat ze niet net als ik in dit oord van martelingen terechtkomen.” Abraham zei: “Ze hebben Mozes en de profeten: laten ze naar hen luisteren!” De rijke man zei: “Nee, vader Abraham, maar als iemand van de doden naar hen toe komt, zullen ze tot inkeer komen.” Maar Abraham zei: “Als ze niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen ze zich ook niet laten overtuigen als er iemand uit de dood opstaat.
Kijk, ik heb een probleem met deze parabel. Ik snap de boodschap wel: heb oog voor de behoeftigen. Maar de parabel is niet krachtig en logisch genoeg.
Er zijn drie mogelijke redenen om dit te verklaren:
1) De parabel is niet volledig overgenomen uit de bijbel
2) De parabel is slecht vertaald naar het Nederlands
3) Lucas heeft er zich te vlug vanaf gemaakt.
De rijke man geeft niks aan de arme man vol met zweren en belandt daarom in de hel. Abraham zijn reactie lijkt mij ook een beetje scheef: “Kind, bedenk wel dat jij je deel van het goede al tijdens je leven hebt ontvangen, terwijl Lazarus niets dan ongeluk heeft gekend; nu vindt hij hier troost, maar lijd jij pijn.” Dus omdat de rijke man een goed leven heeft gehad moet hij naar de hel? Hoe oneerlijk is dat wel niet? Je kan toch rijk zijn én een goed leven leiden? Dat hij de arme man niet geholpen heeft kán erop wijzen dat hij niet zo’n goede man was. Maar dan nog geeft Abraham hier een nogal eenduidige boodschap. Arm – hemel, Rijk – hel. En wie durft te beweren dat die arme zonder zonde was? Misschien was hij wel een behoede burger die in de marginaliteit is beland? De bijbel zit vol met dubbele bodems, dus dan zou je kunnen veronderstellen dat de arme man een drankprobleem had. Vandaar de uitdrukking ‘zich Lazarus drinken’. Er is ook een verhaal waarin Lazarus (een andere dan) dood was en door Jezus weer tot leven werd gewekt. Waarschijnlijk was hij gewoon strontzat (coma-zuipen avant la lettre) en heeft Jezus hem weer nuchter laten worden. Een man die water in wijn kan veranderen kent vast en zeker wel iets van drank en de gevolgen ervan, dus dat lijkt mij nog zo gek niet.
Back to basics, Abraham heeft hier een foute boodschap naar de Christenen toe. Het is misschien niet zo bedoeld, maar Lucas (of de vertaler) legt een verkeerde klemtoon.
Wel wordt nog eens verduidelijkt hoe verschrikkelijk de hel wel niet moet zijn. De rijke man wil zelfs water likken van Lazarus zijn vinger! Aangezien Lazarus een lepraleider is -patroonheilige van de lepraleiders zelfs- die vol met zweren staat, lijkt het mij niet echt aangenaam om eens aan zijn vinger te likken. Als de rijke man al zover wil gaan voor een beetje water, moet de hel echt wel verschrikkelijk zijn.
Tenslotte stoort ook het einde mij. De rijke man vraagt aan Abraham om Lazarus naar zijn broers te sturen, zodat ze alsnog tot inkeer zouden kunnen komen en hun leven kunnen beteren. Abraham moet daar echter niets van weten. “Ze hebben Mozes en de profeten: laten ze naar hen luisteren!” De rijke man geeft dat toe, maar zegt dat een duidelijker signaal meer zou uithalen. Abraham wimpelt dat af: “Als ze niet naar Mozes en de profeten luisteren, zullen ze zich ook niet laten overtuigen als er iemand uit de dood opstaat.” Dat vind ik een beetje een makkelijk antwoord van Abraham. Mozes en de profeten hadden ze al, maar daar luisteren ze blijkbaar niet genoeg naar. Soms heeft de mens eens een extra hint nodig om iets te snappen, maar Abraham stuurt de rijke man gewoon wandelen met een “ze zullen ook niet..”. De bijbel moedigt inkeer nochtans aan, Christus stelt zijn hemels rijk ook open voor zondaars die tot inkeer gekomen zijn. Waarom krijgen die broers geen tweede kans? “Da ze unne plan trekken” lijkt Abraham hier te zeggen. Ze zijn fout bezig en ze hebben een duidelijk signaal nodig dat ze fout bezig zijn. Hoe kunnen ze dat nu weten? Jaja, Mozes en de profeten hebben het gezegd. Maar toch ik vind Abraham zijn antwoord nogal flauw.
De parabel is echter niet verloren. Mits een paar aanpassingen kan de boodschap best wel duidelijk en rechtvaardig worden. Aangezien Lucas het niet meer kan, neem ik die bijbelse taak wel even over.
Er was eens een rijke man die gewoon was zich te kleden in purperen gewaden en fijn linnen en die dagelijks uitbundig feestvierde. Een bedelaar die Lazarus heette, lag voor de poort van zijn huis, overdekt met zweren. Lazarus was een vroom man, om zijn gezin niet met dezelfde lasten op te zadelen verliet hij zijn huis om een teruggetrokken bestaan te leiden. Geld hoefde hij niet, het enige wat Lazarus hoopte was een om zijn maag te kunnen vullen met wat er overschoot van de tafel van de rijke man. Maar de rijke man voederde er liever de honden mee die Lazarus zijn zweren likten. Op zekere dag stierf de bedelaar, en hij werd door de engelen weggedragen om aan Abrahams hart te rusten. Ook de rijke stierf en werd begraven. Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham met Lazarus aan zijn zijde. Hij riep: “Vader Abraham, heb medelijden met mij en stuur Lazarus naar me toe. Laat hem het topje van zijn vinger in water dompelen om mijn tong te verkoelen, want ik lijd pijn in deze vlammen.” Maar Abraham zei: “Zoon, bedenk wel dat jij je deel van het goede al tijdens je leven hebt ontvangen, terwijl Lazarus niets dan ongeluk heeft gekend en jij niet het minste hebt gedaan om deze arme man te helpen; nu vindt hij hier troost, maar lijd jij pijn. Bovendien ligt er een wijde kloof tussen ons en jullie, zodat wie van hier naar jullie wil gaan dat niet kan, en ook niemand van jullie naar ons kan oversteken.” Toen zei de rijke man: “Dan smeek ik u, vader, dat u hem naar het huis van mijn vader stuurt, want ik heb nog vijf broers. Hij kan hen dan waarschuwen, zodat ze niet net als ik in dit oord van martelingen terechtkomen.” Abraham zei: “Ze hebben Mozes en de profeten: laten ze naar hen luisteren!” De rijke man zei: “Nee, vader Abraham, maar als iemand van de doden naar hen toe komt, zullen ze tot inkeer komen.” De volgende dag stuurde Abraham Lazarus naar het huis van de broers. Lazarus klopte aan en vroeg: “Nobele heer, heb medelijden met mij, het enige wat ik vraag is een beetje van u avondmaal.” De heer, één van de broers van de rijke man, stuurde Lazarus echter met lege handen terug. De volgende dagen keerde Lazarus telkens terug met dezelfde vraag; tevergeefs. Abraham haalde Lazarus terug naar de hemel en zei tot de rijke man: “Als ze al niet naar Mozes en de profeten luisteren, laten ze zich ook niet overtuigen als er iemand uit de dood opstaat.”
Voila, ik heb slechts enkele kleine aanpassingen doorgevoerd en de verbale arrogantie van Abraham is vrij goed bewaard gebleven. Het verhaal en de boodschap zijn echter wel duidelijker geworden. Ik heb ook de afloop niet gewijzigd, wat een mogelijkheid zou geweest zijn. Een geslaagde verbetering van deze parabel me dunkt. Ik zou zeggen print de verbeterde versie af en plak het over het oorspronkelijke verhaal in de bijbel.
Geen dank.
Hi! Ik was opzoek naar nog meer mensen die zich bezig houden met dit verhaal uit de Bijbel en vond jou verhaal! Het is leuk om te lezen waar je tegen aan loopt in het verhaal, niet omdat dat leuk is, maar meer omdat het punten zijn waar ik zelf niet bij stil stond. anyway, ik heb ook een post hierover geplaatst vandaag
als je zin hebt kun je mijn versie lezen!
wat je zegt over de arrogantie van Abraham zie ik eerder humor van Jezus in het verhaal!
groetjes!
Ik zou graag jouw versie eens lezen, maar dan moet je mij wel de url van je blog geven, want via je naam geraak ik er niet.
Goeie analyse! Maar ik vind de hele achterliggende gedachte van de parabel al fout op zich. Als iemand goed is, enkel en alleen uit angst om na de dood in de hel te belanden, in hoeverre kun je hem dan nog “goed” noemen? Vergelijk het met een kind op school: een kind dat studeert omdat het anders slaag krijgt van pa en ma zal altijd minder gemotiveerd zijn dan een kind dat studeert omdat het wil bijleren of omdat het geïnteresseerd is.
Dus: waarom is het goed om de armen te helpen? De parabel zegt: omdat je anders in de hel terechtkomt. Maar ik kan een heleboel betere redenen bedenken.
Achterliggende gedachte van het Christendom is dan ook dat je leeft om daarna naar de hemel te kunnen gaan; en daarvoor moet je een goed leven leiden.
Ze bouwen in de parabel voort op deze basisgedachte, dus als je dat al in vraag stelt dan is de achterliggende gedachte uiteraard niet juist.
Puur rationeel bekeken zijn er inderdaad heel wat andere redenen waarom je die arme zou helpen.
Nu de rest van de Bijbel, Joris!
Hint: met wat meer seks erin zou’m nog beter verkopen!
“een kind dat studeert omdat het anders slaag krijgt van pa en ma zal altijd minder gemotiveerd zijn dan een kind dat studeert omdat het wil bijleren of omdat het geïnteresseerd is.”
Dit lijkt mij niet zo logisch als jij hier laat uitschijnen. Tenzij er wetenschappelijk bewijs hiervoor bestaat, natuurlijk.
Ontopic: ik lees consequent “Laurens” in plaats van “Lazarus”. Misschien omdat’t op elkaar lijkt, maar waarschijnlijker omdat die twee dingen nogal vaak synoniem waren voor ‘t zelfde, de laatste maanden.
Meh, de achterliggende gedachte van het christendom zijn die waarden van naastenliefde en opkomen voor de zwakkeren en zo. Dat van hemel en hel is volgens mij een uitvindsel van de Kerk om de gelovigen onder controle te kunnen houden, naast al die andere onozele regeltjes.
Het lijkt mij nogal simpel om de boodschap van het christendom te reduceren tot ‘naastenliefde’. Daarbij als je ‘dat van de hemel en de hel’ als een uitvindseltje van de Kerk beschouwt dan kan je het hele christendom ook beschouwen als maar een uitvindseltje. Ik zeg niet dat dit niet zo is maar daar gaat het hier nu niet echt om. Wat de parabel betreft, yores, er bestaan heel veel van die herschrijvingen. In kinderbijbels, catecheseboekjes, godsdienstboeken : allemaal hebben ze een licht hervormde versie naargelang het publiek tot wie ze zich richten. Als de oorspronkelijke versie je stoort, misschien kan je deze dan eens proberen?
oeps lees ik je reactie nu pas! mijn Url van de blog is:
http://intiii.wordpress.com/
over de boeiende discussie hier over de boodschap van christendom: het is idd simpel in 2 dingen te zeggen zoals vermeld in Marcus 12: 28-34 ” heb de Heer, uw God, lief met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand en met heel uw kracht…Heb uw naaste lief als uzelf.”
maar dat naasten lief hebben als iemands zelf is niet natuurlijk voor een mens! Dat komt alleen als iemand God lief heeft met heel zijn hart! dan krijgt hij ook zoveel liefde voor de naasten. Het doen van goede werken voor een ander is dan een natuurlijke resultaat van die liefde! als ik van iemand houd, dan doe ik hem niet opzettelijk pijn!
dat krampachtig uit angst voor de hel goede dingen gaan doen om punten te scoren bij God en een plekje te ‘verdienen’ in de hemel is niet Bijbels! al weet ik dat veel christenen wel helaas zo geloven en leven.